Historie

Wie ‘t Vreuger Woar!?

't Volgende stuk woar in 1979 gesjreve door Carry Zijlstra ter gelegenheid van ‘t 33 joarig bestoan van de Koeleköp:

Carnaval vieren was Meers altijd goed afgegaan, en daarom mag het dan ook nauwelijks verwondering wekken dat na de oorlog door (vooral de middenstand) het plan werd opgericht om een carnavals vereniging op te richten.

De oprichtingsvergadering vond plaats in het parochiehuis. Waar Plit Devoi, Lei Hollanders en Mathijs de Witte met de bestuurlijke taken werden belast. Het woord waar alles toen om draaide was ‘geld’. Om ook maar iets te kunnen organiseren was er een start kapitaaltje nodig. Plit Devoi kwam met het idee om kaartavonden te organiseren. In elk Meerser Café werd twee maal getoept, wat per keer zo’n 40 ~ 50 gulden opbracht. Zo werd dit (en zeker in die tijd) een aardig begin kapitaal. Genoeg bleek het echter geenszins. Dus werd het houden van een loterij de volgende stap. Trok men vroeger wel eens “met het speet oet”, een echte optocht was in Meers nog nooit gehouden en met het realiseren daarvan wilde de jonge carnavals vereniging voor het eerst naar buiten treden. Het was al snel duidelijk dat dit enige problemen met zich meebracht.

Wagens en of trekkers waren in Meers in die tijd nauwelijks te vinden, maar het S.B.B. bood uitkomst. Het benodigde materiaal kon met chauffeur geleend worden en de toezegging werd gedaan dat enkele S.B.B. medewerkers in de jury van de optocht zouden plaatsnemen.

Buurtverenigingen kende Meers in die tijd nog niet, maar geen nood, ook hier had men een oplossing voor. Plit Devoi vertelt: “We verdeelden het dorp, op eigen gezag, in buurten en riepen een vergadering op waar men zich kon opgeven voor de optocht. Het startgeld bedroeg 100 gulden per buurt en als eerste prijs zou zo’n 50 tot 60 gulden worden uitgekeerd.

Tweede primeur voor Meers zou vanzelf sprekend de prins worden. Sjeng op den Camp viel als eerste de beurt om drie dagen te heersen over Meers, met aan zijn zijde de raad van 11 en hofdames.

 

Prins Sjeng op den Camp
Prins Sjeng op den Camp

Geld voor een officieel tenue was er niet, doch strooien hoeden en klompen waren goede vervangers. Het tweede bestaansjaar leende men de steken in Stein en zodra de financiën het toelieten schafte men geleidelijk zelf passende kledij aan.

En nu 33 jaar later zijn de Koeleköp uitgegroeid tot een waardige vereniging met veel eigen activiteiten waar ons dorp trots op mag zijn. De Koeleköp zijn inmiddels al niet meer uit onze Meerser cultuur weg te denken.